Heb ik nog niet genoeg ellende meegemaakt?

Mevrouw D.S. en meneer A.S. zijn vorige maand naar de Objectiefpermanentie gekomen voor hulp. Allebei werden ze - tot hun ongeloof - geweigerd omwille van een vermoeden tot schijnhuwelijk. Hun verhaal.

Nieuwe start

Als we D.S. uitleggen dat ze geweigerd is omwille van een vermoeden van schijnhuwelijk, is het alsof we een wonde opnieuw openhalen. D.S. is een hoger opgeleide Marokkaanse. Ze had in Marokko een goede baan, waar heel wat vrouwen in haar omgeving jaloers op waren. In 1996 komt ze daar een man tegen die haar echtgenoot zal worden. Hij woont al in België, en eerst probeert ze hem te overtuigen om terug in Marokko te komen wonen. Ze houdt immers van haar werk en haar twee kinderen (uit een vorig huwelijk) lopen er school. In 1998 geeft ze toe, en komt ze – vol vertrouwen in haar nieuwe echtgenoot - toch in België wonen.

Voor haar betekent het een nieuwe start. Ze is vol goede moed en denkt hier ook wel snel een job te vinden.

Schuldenberg

Eens ze in België aankomt, draait het jammer genoeg niet zo positief uit. Haar man is niet de liefdevolle echtgenoot waar ze op zou kunnen steunen. Hij zit tot over zijn oren in de schulden en is gewelddadig naar haar en de kinderen toe. Enkel dankzij hulp van een sociale dienst raakt ze uit de psychologische put en heeft ze de moed te scheiden na drie jaar huwelijk.

Vandaag probeert ze deze ongelukkige episode te vergeten en enkel nog aan de toekomst van haar kinderen te denken. Zij gaan ondertussen al een aantal jaar naar school hier, en ze wil niet nog eens hun leven overhoop gooien door terug naar Marokko te gaan. Ze is daar trouwens haar job kwijt en hier heeft ze verschillende jobaanbiedingen gehad in het onderwijs, maar ze moet dan wel de Belgische nationaliteit hebben... 

Mevrouw D.S. stelt veel hoop in de brief die we haar helpen schrijven naar de Commissie Naturalisaties. We zullen pas over een aantal maanden weten of de commissie haar beslissing heeft wil herzien.

Persoonlijke redenen

Meneer A.S., een Mauritaanse man, kreeg ook een brief van de Commissie Naturalisaties waarin staat dat hij geweigerd wordt omwille van “de ondernomen stappen teneinde het verblijf in België te regelen”. Een vermoeden van schijnhuwelijk dus. Hij woont sinds 1993 in België en heeft in 1995 zijn vrouw op het werk (zoals wel vaker gebeurt) leren kennen. Toen ze in 1997 trouwden, woonde hij hier dus al vier jaar wettelijk. Het ging wel om een tijdelijk verblijf, gebonden aan zijn arbeidscontract, en na het huwelijk kreeg hij natuurlijk een vaste verblijfskaart.

Verdriet

A.S. doet ons, heel emotioneel zijn verhaal. In 2000, nadat zijn vrouw een operatie had ondergaan, verandert alles voor hen. De plannen om een familie te stichten mogen ze voorgoed opbergen. Ondanks de gevoelens die ze voor elkaar hebben, draait deze beproeving uit op een scheiding.

Zijn ex-vrouw heeft een brief geschreven aan de Commissie Naturalisaties om zijn verhaal te bevestigen. Meneer A.S. vindt de beslissing van de commissie niet correct en ongefundeerd: “Er valt me niets te verwijten, ik heb nog nooit iets fout gedaan. Ik heb nog steeds een goed contact met mijn ex-vrouw, en heb het nog steeds erg moeilijk met deze situatie.”

Rachida Meftah