Woensdag 19 januari - De Antwerpse Congolees

Eerste ontgoocheling: het advies van vzw Objectief met de bemerkingen van de organisaties van het werkveld is niet verspreid onder de commissieleden. Voorzitter Sarah Smeyers (N-VA) heeft haar woord niet gehouden. We zullen het zelf moeten rondsturen, straks als we terug op kantoor zijn.

Tweede vaststelling: de sfeer is gespannen en bitsiger dan vorige week. Ook Nahima Lanjri (CD&V) stelt zich scherper op.

De stemming in de commissie Naturalisaties van de dag ervoor laat zich duidelijk voelen. In de pers komt vooral de breuklijn tussen Franstalige en Nederlandstalige commissieleden aan bod. De goedkeuring van het onderzoek naar de bereidheid om de taal te leren van de regio waar de aanvrager woont, zette kwaad bloed. Voorzitter Jacqueline Galant (MR) zorgde voor de ene stem die nodig was om een meerderheid te halen in de commissie Naturalisaties. Haar MR-collega Olivier Maingain stemde tegen. Galant is aanwezig, maar zegt vandaag geen woord. Haar collega Marie-Christine Marghem is de spreekbuis voor de MR.

Wat in de pers veel minder aan bod komt, is de afspraak dat de commissie Naturalisaties voortaan verkeersboetes zal aanrekenen als ‘zwaarwichtige feiten’. Als je met deze norm alle inwoners van België moet beoordelen, dan wonen we wel in een heel crimineel landje ...

Vandaag gaat het verder over de integratievoorwaarden. Het debat over de taalkennis zit muurvast, al is er een algemeen akkoord dat de kennis van één van de landstalen vereist is. Voor alle procedures? Dat is niet duidelijk, want het debat gaat vooral over de kennis van de taal van de regio waar de aanvrager woont.

De Antwerpse Congolees speelt daarin een hoofdrol. Hij wordt verondersteld één van de landstalen te spreken (Frans), maar als hij niet bewijst dat hij Nederlands spreekt kan hij toch niet geïntegreerd zijn! Neen? Hoeveel Franssprekenden zijn er in Antwerpen, en Engelssprekenden? En die zijn dan allemaal niet geïntegreerd? Die zijn niet waardig om Belg te worden … of te zijn?

Rachid Madran (PS) wijst erop dat er wel eens een wettelijk probleem met de non- discriminatie zou kunnen zijn als deze vereiste in de wet komt te staan. Maar dat argument maakt maar weinig indruk op N-VA. Theo Francken maakt duidelijk dat het beheersen van de taal van de regio waar men woont voor de N-VA een breekpunt is.

Misschien moet ik volgende keer enkele Antwerpse Congolezen meebrengen, bedacht ik.