En als de rechtbank je gelijk geeft?

De rechtbank kan beslissen dat je de Belgische nationaliteit krijgt, ondanks het negatieve advies van de procureur des Konings. Toch kan het dat je na een jaar nog altijd geen Belg bent. Hoe is dat te verklaren?
 
Even het geheugen opfrissen: als je 7 jaar wettelijk in het land verblijft, kan je de Belgische nationaliteit aanvragen door een verklaring af te leggen op de burgerlijke stand van je gemeente. Na 4 maand weet je of de procureur des Konings zich hier al dan niet tegen verzet. Is dat het geval, dan kan je binnen de 15 dagen in beroep gaan. Doe je dat niet, dan stuurt de gemeente je aanvraag door aan de Kamer en volgt de procedure van de naturalisatie.
 
De rechtbank beslist
Als je in beroep gaat, krijg je een maand later een rekening van € 52 griffiekosten. Daarna legt men een datum vast voor de behandeling door de rechtbank van eerste aanleg. In Brussel moet je daarvoor anderhalf jaar geduld hebben.
De rechter zal je argumenten aanhoren en oordelen of het verzet van de procureur gerechtvaardigd is. Als hij vindt dat het niet het geval is, kan hij je de Belgische nationaliteit toekennen.
De nationaliteitswet bepaalt dat de procureur – dezelfde die het negatief advies gaf - instaat voor de betekening van het vonnis van de rechtbank aan de betrokkene. Vanaf dan hebben zowel de procureur als de betrokkene 15 dagen om in beroep te gaan. Als het vonnis positief is voor de aanvrager, geeft de procureur hiervan melding aan de ambtenaar van de burgerlijke stand. Die schrijft je dan in als Belg.
 
De procureur wacht
De Nepalees B.K. haalde gelijk voor de rechtbank van eerste aanleg. Die sprak op 3 juli 2009 een vonnis uit waarbij het verzet van de procureur des Koning ongegrond werd verklaard en B.K. de Belgische nationaliteit kreeg toegekend. Maar de Nepalees wacht nog altijd op de betekenis van dat vonnis en is dus nog altijd geen Belg.
In april van dit jaar kwam B.K. langs op de permanentie van Objectief om te informeren of het wel normaal was dat hij nog altijd geen nieuws had over het vonnis van de rechtbank. Hij had nog steeds geen betekening van het vonnis ontvangen. Daarop nam het secretariaat van Objectief contact op met het parket. Die liet weten dat de procureur nog altijd geen beslissing had genomen of hij al dan niet in beroep zou gaan.
 
Misbruik
Het parket maakt dus misbruik van het feit dat het zelf instaat voor de betekening van het vonnis. De procureur bepaalt zelf de tijd die hij neemt om te overwegen of hij al dan niet in beroep gaat tegen het vonnis van de rechtbank. De termijn van 15 dagen begint immers maar na de betekening van het vonnis en dat heeft hij volledig zelf in handen.
Het is eind 2010 en B.K. wacht nu al bijna anderhalf jaar. De rechter heeft hem de Belgische nationaliteit toegekend, maar door toedoen van de procureur is dat nog altijd geen feit en blijft hij vreemdeling.
Het zou de rechtszekerheid ten goede komen als de wetgever paal en perk stelt aan deze praktijken en een vast termijn oplegt voor de betekening van het vonnis van de rechtbank.