Getuigenis van willekeur

In de praktijk blijkt de geboorteakte nog vaak een onoverkomelijke hindernis om de nationaliteit aan te vragen. Er is veel tijd, geduld en volharding nodig om deze problemen te proberen oplossen. En onderweg stuiten we op pure willekeur.

De familie K.

In februari komt de familie K. naar de permanentie van Objectief. Zowel vader, moeder als dochter willen de Belgische nationaliteit aanvragen. De familie is Armeens, ze zijn geboren in Azerbeidzjan en wonen sinds 1997 in België. Ze proberen al een paar maanden een geboorteakte te pakken te krijgen voor hun nationaliteitsaanvraag, maar het lukt hen niet.

Ambassade

Mevrouw K.:“We krijgen enkel OCMW-steun, dus we kunnen de verre reis niet betalen. Bovendien kan de akte niet door een Belgische ambassade in Azerbeidzjan gelegaliseerd worden, want die is er niet. We zouden dus nog een extra reis naar Moskou (daar is de dichtstbijzijnde Belgische ambassade) moeten maken voor de nodige legalisatie. Ook al hadden we het geld, dan nog was het onmogelijk. Mijn man herstelt van een ongeval en onze dochter heeft psychische problemen. Zo’n lange reis kunnen zij niet aan en ik kan ze ook niet alleen laten. Daarnaast zijn er ook de politieke moeilijkheden waarvoor de meeste Armeniërs – net zoals wij - uit Azerbeidzjan zijn gevlucht. We riskeren grote problemen als we terug zouden gaan.”

De familie K. kan ook geen gelijkwaardig document bij de ambassade gaan halen, want de ambassade van Azerbeidzjan in België levert zulke documenten niet af.

Laatste mogelijkheid

De enige mogelijkheid die hen nog rest is een akte van bekendheid gaan halen bij de vrederechter, en die laten homologeren bij de rechtbank van eerste aanleg. Maar al bij de eerste etappe liep het fout. Ze vroegen een advocaat een brief te schrijven naar de vrederechter, om een afspraak op het vredegerecht te krijgen. Deze brief was echter onvolledig wat betreft de uitleg over de ‘onmogelijkheid’ en de vrederechter weigerde.

Wat deed Objectief?

Op de permanentiefiche had onze vrijwilliger ingevuld dat de familie K. geregulariseerd is, maar de brief van de advocaat vermeldde dat ze erkend politiek vluchteling zijn. Verwarrend, want als ze erkend vluchteling zijn, kunnen ze bij het Commissariaat voor de Vluchtelingen een vervangend attest voor de geboorteakte halen. We praatten een tweede keer met de familie K. en diepten hun verhaal verder uit. Ze waren wel degelijk geregulariseerd en niet erkend als vluchteling.

We schreven een nieuwe gedetailleerde brief voor de vrederechter, maar ook deze aanvraag werd geweigerd. We belden met het bureau van de vrederechter en zijn medewerker zei ons: “Als de vrederechter de akte toch zou opstellen, zou de rechtbank van eerste aanleg deze toch niet zou willen homologeren.” We belden dan maar naar de rechtbank. Daar staken ze de schuld terug op de vrederechter, omdat die blijkbaar bekend staat als ‘moeilijk’.

Ondertussen kwamen we in contact met een juridische dienst van dezelfde gemeente als de vrederechter. Die erkent dat er al meer problemen met deze vrederechter geweest zijn. Omdat zij een iets beter contact hebben, zullen zij het nog eens proberen en een derde brief schrijven met als extra reden de politieke problemen. Volgt er weer een weigering, dan moet de familie K. hiertegen in beroep gaan. Maar daar is dan weer een advocaat voor nodig. We weten nog niet hoe het zal aflopen. In ieder geval is duidelijk dat ‘kandidaat-Belgen’ met deze nationaliteitswet nog steeds afhankelijk zijn van willekeur en de goede wil van verschillende ambtenaren.